10 augustus 2026
Voor wie bouwen Groningen en Drenthe die tienduizenden huizen? Voor onze toekomst!
Pieter Omtzigt en Daniëlle Jansen vroegen op 8 augustus 2026 in hun opinie in het Dagblad van het Noorden voor wie Groningen en Drenthe tienduizenden woningen bouwen als de bevolking mogelijk zou gaan krimpen. Hun antwoord was uiteindelijk vooral voor migranten. Je kunt zo naar het Noorden kijken, met spreadsheets, prognoses en cijfers over krimp. Maar wie alleen naar cijfers kijkt, mist wat hier werkelijk gebeurt. En vooral welke toekomst we hier samen kunnen bouwen. Daarom vijf vragen en vijf antwoorden.
Voor wie bouwen we eigenlijk al die woningen?
Voor mensen! Voor jongeren die hier willen blijven, starters, jonge gezinnen, ouderen die kleiner willen wonen en studenten die na hun studie hier een baan vinden. Voor werknemers die onze bedrijven nodig hebben, mensen uit andere delen van Nederland en ja, ook voor nieuwe Noordelingen uit andere landen die hier studeren, werken en ondernemen.
Een paar simpele vragen. Dalen onze huizenprijzen? Nee. Staan huizen en kamers massaal leeg? Nee. Vinden studenten gemakkelijk een betaalbare kamer? Nee. Kunnen starters probleemloos kopen of huren? Alweer nee.
De werkelijkheid is dus anders dan het beeld dat we straks woningen overhouden. Onze woningmarkt staat onder druk. Voor ondernemers is woningbouw bovendien geen losstaand vraagstuk. Bedrijven zoeken mensen, maar die kunnen hier alleen komen of blijven als ze een passende woning vinden. Zonder woningen geen werknemers, zonder werknemers minder ruimte voor groei en uiteindelijk ook minder draagvlak voor voorzieningen. Voldoende én de juiste woningen bouwen dus.
Is krimp dan helemaal geen probleem?
Natuurlijk wel. Delen van Groningen en Drenthe krimpen en vergrijzing is een serieus vraagstuk. Maar een algemene prognose doet geen recht aan de verschillen.
Kijk naar Regio Groningen-Assen. Rijk en regio werken daar aan 36.000 woningen en 28.000 extra arbeidsplaatsen richting 2040. Dat is iets anders dan een regio die langzaam leegloopt. En neem Stadskanaal, waar ooit vanuit bevolkingskrimp werd gedacht, daar wordt nu gewerkt aan bijna 1.000 nieuwe woningen en worden Makeport Mercurius en Dideldom ontwikkeld als plek voor wonen, werken en onderwijs rond een toekomstig station aan de Nedersaksenlijn. En Regio Emmen, door het Rijk aangewezen als initieerregio in de Nota Ruimte. Daar liggen kansen voor woningbouw, industrie, Greenwise Campus, de Nedersaksenlijn en betere verbindingen met Duitsland én het geliefde Twente van Pieter Omtzigt. Dat is het verschil tussen prognose en ambitie. Een prognose laat zien wat kán gebeuren. Politiek, bestuur en ondernemerschap gaan over wat we wíllen bereiken. Wie alleen op krimp stuurt, loopt het risico zijn eigen voorspelling waar te maken. Dat past niet bij de ambities van ondernemers die hier investeren, innoveren en banen creëren.
Waarom zouden we groei blijven concentreren in gebieden die al uit hun voegen barsten?
Groningen en Drenthe kunnen een deel van die ontwikkeling opvangen door wonen, werken en bereikbaarheid slim te verbinden. Wij hebben iets waar Nederland steeds meer behoefte aan heeft. Ruimte én kwaliteit. Ruimte voor woningen, bedrijven en energie, naast sterke kennisinstellingen, innovatieve ondernemingen, industrie, landbouw, natuur en aantrekkelijke steden en dorpen. Daarom zijn de Nedersaksenlijn en Lelylijn zo belangrijk. Ze vergroten onze arbeidsmarkt, verbinden economische regio's en maken Noord-Nederland aantrekkelijker. Ondernemers zijn daarbij geen toeschouwers. Zij investeren, creëren banen en werken aan oplossingen voor woningbouw, energie, verduurzaming en mobiliteit. Maar bedrijven kunnen alleen groeien waar talent kan wonen en de infrastructuur op orde is. Wij zijn geen gebied dat vanuit Den Haag vanwege voorspelde krimp beheerd moet worden. We zijn een regio waarin Nederland juist kan investeren. Waarom wordt over het Noorden dan zo vaak gesproken in termen van krimp en problemen, terwijl hier zoveel kansen liggen?
Hebben we internationale studenten en werknemers daarbij nodig?
Absoluut. Daarom is het wrang dat juist Pieter Omtzigt nu zo nadrukkelijk naar migratie wijst. We zijn hem en NSC nog steeds buitengewoon ‘dankbaar’ voor de koers om internationalisering in het hoger onderwijs terug te dringen. Universiteiten, hogescholen, bedrijven en grensregio’s waarschuwden niet voor niets voor de gevolgen. Onze uitdaging is niet dat internationale studenten hier komen, maar dat te veel talent na de studie weer vertrekt. De student uit Duitsland, Spanje of Polen kan straks onze ingenieur, onderzoeker, arts, verpleegkundige of ondernemer zijn. Mensen die we door vergrijzing en arbeidsmarktkrapte hard nodig hebben.
Voor veel Noordelijke bedrijven is internationaal talent nu al onmisbaar. Onze arbeidsmarkt stopt bovendien niet bij de landsgrens. Juist als grensregio moeten we de kansen van samenwerking met Duitsland veel beter benutten. Laten we internationaal talent dus niet als probleem zien, maar zorgen dat mensen zich welkom voelen, Nederlands leren, werk vinden én hier blijven wonen. Het is tegenstrijdig om grensregio’s eerst minder aantrekkelijk te maken voor internationaal talent en vervolgens te vragen voor wie we eigenlijk al die woningen bouwen.
Zijn we dan gebaat bij nog meer sombere voorspellingen over het Noorden?
Nee. Natuurlijk moeten we realistisch zijn. Groei ontstaat niet vanzelf. Daarvoor zijn woningen, infrastructuur, onderwijs, zorg en voorzieningen nodig. Ook moeten procedures sneller en investeringen mogelijk blijven.
Groningen en Drenthe laten bovendien zien dat ze maatschappelijke verantwoordelijkheid nemen, ook bij opvang en de Spreidingswet. Solidariteit vragen we niet alleen van anderen. Maar wie lang genoeg naar negatieve cijfers kijkt, krijgt vanzelf een negatieve toekomst. Wij kijken liever vooruit. Naar jongeren die hier willen blijven, ondernemers die investeren, bedrijven die mensen zoeken en internationaal talent dat we kunnen behouden. Naar de kansen van Groningen-Assen en Emmen en betere verbindingen met Nederland en Duitsland.
Dus voor wie bouwen we woningen? Voor de toekomst van Groningen, Drenthe, het Noorden, Nederland. Een toekomst die we liever samen vormgeven met ambitie en ondernemerschap dan overlaten aan spreadsheetprofeten.
Jellie Tiemersma, directeur a.i.
Willemijn Broerse-Rienks, regiovoorzitter Groningen
Johannes Bos, regiovoorzitter Drenthe


